Verdrag van de Verenigde Naties inzake de rechten van personen met een handicap en zijn Facultatief Protocol

13 december 2006
Bevoegdheidsniveau: Internationaal

Het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap werd aangenomen door de Verenigde Naties op 13 december 2006. In België is dit Verdrag sinds 1 augustus 2009 van kracht. Sinds 2011 is Unia belast met de bescherming, de promotie en de opvolging van de uitvoering van het Verdrag in België.

Verdrag van de Verenigde Naties inzake de rechten van personen met een handicap en zijn Facultatief Protocol

Wat staat er in het verdrag?

Het Verdrag huldigt twee belangrijke principes:

  • Het definieert een handicap als het resultaat van een wisselwerking tussen een persoon met een beperking en de obstakels waarmee een niet-inclusieve samenleving hem of haar confronteert.
  • Het luidt een echte mentaliteitsverandering in: een mens met een handicap is niet langer iemand zonder stem of mening die afhankelijk is van hulp of liefdadigheid, maar een persoon met rechten, net als alle andere burgers.

Het Verdrag stelt dat alle personen met een handicap moeten kunnen genieten van alle mensenrechten, zoals het recht op gelijkheid en non-discriminatie, het recht op toegankelijkheid, het recht op gelijkheid voor de wet, het recht op vrijheid en veiligheid van de persoon, het recht op zelfstandig wonen en deel uitmaken van de maatschappij, het recht op onderwijs, het recht op werk, enzovoort.

Soms kan een persoon met een handicap door bepaalde hindernissen zijn of haar mensenrechten niet op gelijke voet met anderen uitoefenen. Dan heeft hij of zij recht op redelijke aanpassingen om die hindernissen weg te nemen.

Het Verdrag hecht veel belang aan de beleidsparticipatie van personen met een handicap. Overheden moeten ervoor zorgen dat beslissingen die een impact hebben op personen met een handicap steeds worden genomen in nauw overleg met personen met een handicap (via de organisaties die hen vertegenwoordigen).

Het VN-Comité voor de Rechten van Personen met een Handicap controleert of het Verdrag wordt nageleefd door de landen die partij zijn bij het Verdrag. Het Facultatief Protocol bij het Verdrag omschrijft de rol en de bevoegdheden van dit Comité. Het de verantwoordelijkheid van het Comité om:

  • klachten te onderzoeken van personen die beweren het slachtoffer te zijn van een schending van het Verdrag door een land;
  • een onderzoek in te stellen wanneer betrouwbare informatie erop wijst dat een land het Verdrag ernstig of systematisch schendt. Het VN-Comité heeft die bevoegdheden alleen ten opzichte van landen die partij zijn bij het Facultatief Protocol, zoals bijvoorbeeld België;
  • de ondertekenende landen te evalueren. Het Comité zal er bijvoorbeeld over waken dat België de verplichtingen uit het verdrag nakomt. Om de vier jaar wordt een evaluatie uitgevoerd.
  • de inhoud van de rechten uit het Verdrag te verduidelijken in belangrijke General Comments (zie hieronder).
Verdrag van de Verenigde Naties inzake de rechten van personen met een handicap en zijn Facultatief Protocol

Meer weten?