Correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, 26 maart 2001
De correctionele rechtbank van Antwerpen is van oordeel dat de Hitlergroet, het strekken van de rechterarm met geopende palm in de richting van de raadzaal, onbetwistbaar verbonden is met een fascistisch regime dat uitgaande van een vermeende suprematie van het ene ras boven het andere, overging tot het plegen van allerlei misdaden waaronder genocide.
[Hoger beroep: Hof van beroep Antwerpen, 20 juni 2002]
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagde voor:
- Aanzetten tot discriminatie, rassenscheiding, haat of geweld jegens een groep, een gemeenschap of de leden ervan (artikel 1, 2° antiracismewet 1981 – thans artikel 250, 3°-4° Strafwetboek).
Beslissing
Het uitbrengen van de Hitlergroet kan niet op een andere manier geïnterpreteerd worden dan een verwijzing naar deze praktijken waardoor wordt aangezet tot discriminatie, haat, geweld en rassenscheiding jegens een groep, wegens hun ras, huidskleur, afstamming of nationaliteit.
De rechter was verder van mening dat het uitbrengen van de Hitlergroet verregaande gevolgen heeft, namelijk het tegen elkaar opzetten van mensen van verschillende origine en het uitlokken van wederzijds geweld waardoor buurten voor iedereen onleefbaar worden en hierdoor de samenleving in haar essentie wordt aangetast.