Ga verder naar de inhoud

Correctionele rechtbank Brussel (Franstalig), 9 februari 2022

In juli 2018 werd een transgender persoon in een park in Anderlecht aangevallen door 2 personen. De beklaagden hadden de dag voor het incident een ontmoeting met het slachtoffer geregeld via een datingwebsite voor homoseksuelen. De daders, gewapend met een taser, vielen het slachtoffer aan terwijl ze de scène filmden.

[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]

Gepubliceerd op: 09/02/2022
Domeinen: Samenleving
Beschermde kenmerken: Discriminatie op basis van seksuele oriëntatie, Discriminatie op basis van geslacht (of gender)
Rechtsinbreuk(en): Andere, Haatmisdrijf, Slagen en verwondingen
Rechtsmacht: Correctionele rechtbank
Rechtsgebied: Brussel
Unia (burgerlijke) partij: neen

Feiten

In juli 2018 werd een transgender persoon in een park in Anderlecht aangevallen door 2 personen. De beklaagden hadden de dag voor het incident een ontmoeting met het slachtoffer geregeld via een datingwebsite voor homoseksuelen. De daders, gewapend met een taser, vielen het slachtoffer aan terwijl ze de scène filmden. Op de video is te horen dat een van de beklaagden "Hij is een flikker" tegen het slachtoffer roept. Op de telefoon van één van de beklaagden werden ook andere video's gevonden. Een paar dagen na de gebeurtenissen filmde hij zichzelf terwijl hij met een katana (Japans zwaard) op zijn bed sloeg, waarbij hij zei dat hij "de zamels in elkaar wilde slaan" (waarmee homoseksuelen worden bedoeld).

Juridische kwalificatie

De openbaar ministerie vervolgde de beklaagden voor:

  • Opzettelijke slagen en verwondingen met ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge (artikel 399 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 405quater oud Strafwetboek).
  • Inbreuk op de wet houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens (wapenwet).

Beslissing

De correctionele rechtbank achtte de tenlasteleggingen bewezen en erkende het homofobe karakter van de aanval.

De beklaagden hebben ter zitting toegegeven dat zij naar de ontmoeting waren gegaan met een persoon van wie zij wisten dat die transseksueel was, met het oog op een afrekening of, in hun woorden "om een flikker in elkaar te kloppen".

De homofobe aard van de aanval was inderdaad onbetwistbaar. Uit een analyse van het telefoonverkeer van een van de beklaagden bleek dat hij na de gebeurtenissen andere afspraken had gemaakt met seksuele voorstellen en dat er een sms-bericht was van de beklaagde waarin er sprake was van "het neuken van de moeder van de flikker”.

De eerste beklaagde werd veroordeeld tot 38 maanden gevangenisstraf met probatie-uitstel van 5 jaar voor 2/3e van de straf en een geldboete van 800 euro. De tweede beklaagde werd veroordeeld tot een werkstraf van 300 uur en een geldboete van 800 euro. 

Op burgerlijk vlak kreeg het slachtoffer 11.000 euro als vergoeding voor materiële en morele schade. De vereniging Rainbow House zal een schadevergoeding van 1.500 euro ontvangen.

Aandachtspunten

Voor zover Unia weet, is dit de tweede uitspraak waarin een haatmisdrijf tegen een transgender persoon wordt vastgesteld (na correctionele rechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, 7 maart 2018). Transseksuele personen zijn vaker het slachtoffer van haatmisdrijven, maar vinden het dikwijls ook moeilijk om de autoriteiten te benaderen uit angst om bespot te worden.  

Hoewel het beschermd kenmerk ‘transseksualiteit’  onder de zogenaamde genderkenmerken valt, kan erop worden gewezen dat de rechter hier geen gewag heeft gemaakt van het kenmerk ‘gender’ en de feiten enkel heeft geanalyseerd vanuit het oogpunt van het kenmerk ‘seksuele geaardheid’. Hoewel uit de feiten duidelijk blijkt dat de daders homoseksuelen wilden aanvallen, had ook het transfobe karakter van deze aanval kunnen worden erkend.

Unia was geen burgerlijke partij in deze zaak, maar de Brusselse vereniging Rainbow House was dat wel.

 

Op de hoogte blijven van juridisch nieuws?