Ga verder naar de inhoud

Arbeidshof Antwerpen, afdeling Antwerpen, 3 september 2013

Een man wordt ontslagen op 7 november 2008. In zijn conclusie van 29 maart 2010 vordert hij een schadevergoeding wegens discriminatie op grond van leeftijd. Volgens het arbeidshof is de vordering verjaard.

[Deze beslissing werd verkregen dankzij de inzameling van rechtspraak door de onderzoekers van het project 'Discriminatie bestrijden via het recht: de Belgische ervaring ter zake' (PDR T.0197.19), gefinancierd door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (FWO) en gecoördineerd door Julie Ringelheim en Jogchum Vrielink.]

Gepubliceerd op: 03/09/2013
Domeinen: Arbeid
Beschermde kenmerken: Leeftijdsdiscriminatie (agisme)
Rechtsinbreuk(en): Discriminatie (burgerrechtelijk), Directe discriminatie
Rechtsmacht: Arbeidshof
Rechtsgebied: Antwerpen
Unia (burgerlijke) partij: neen

Feiten

Een man wordt ontslagen op 7 november 2008. In zijn conclusie van 29 maart 2010, genomen voor de arbeidsrechtbank Antwerpen (afdeling Mechelen) vordert hij een schadevergoeding wegens discriminatie op grond van leeftijd.

Beslissing

Het arbeidshof oordeelt dat, in zoverre de man de vordering ex contractu instelt, de eis is verjaard in toepassing van artikel 15 arbeidsovereenkomstenwet, vermits de vordering wordt ingesteld meer dan 1 jaar na het einde van de arbeidsovereenkomst.

In zoverre de man zijn vordering tot betaling van een schadevergoeding ex delicto instelt, stelt het arbeidshof vast dat de werkgever strafrechtelijk niet kan worden aangesproken op grond van de antidiscriminatiewet.

De man kan zich volgens het arbeidshof ook niet beroepen op cao nr. 95 omdat die pas na het ontslag van de man algemeen verbindend werd verklaard.

Ten slotte had de man verwezen naar artikel 18 van de antidiscriminatiewet waarin staat dat het slachtoffer een schadevergoeding kan vorderen overeenkomstig het contractuele of buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht. De man stelde dat zijn eis tot schadevergoeding gesteund was op de buitencontractuele aansprakelijkheid (artikel 1382 Burgerlijk Wetboek) waarop de 5-jarige verjaringstermijn uit artikel 2262bis Burgerlijk Wetboek van toepassing is.

Het arbeidshof oordeelde dat een ontslag omwille van leeftijd een schending inhoudt van artikel 1134 Burgerlijk Wetboek. Hieruit volgt dat, behoudens in bijzondere gevallen, de eis niet tegelijkertijd kan worden gesteund op een schending van artikel 1382 Burgerlijk Wetboek gelet op de regels van de samenloop tussen contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid.

Unia was geen betrokken partij.

Afgekort: Arbh. Antwerpen, afd. Antwerpen, 3/9/2013 - Rolnummer 2012/AA/414

Wetgeving:

Op de hoogte blijven van juridisch nieuws?