Correctionele rechtbank Antwerpen, afdeling Antwerpen, 25 juni 2018
De beklaagde wordt vervolgd voor belaging met racistische motieven, voor aanzetten tot haat ten opzichte van de Joodse gemeenschap, voor vernieling van religieuze Joodse symbolen aan de toegangsdeuren van gebouwen en voor bekrassen van toegangsdeuren van synagogen, een school en privégebouwen.
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Gepubliceerd op: 25/06/2018
Domeinen: Samenleving
Beschermde kenmerken: Racisme
Rechtsinbreuk(en): Haatspraak, Aanzettingsmisdrijf, Haatmisdrijf, Belaging en elektronische belaging, Graffiti en beschadiging onroerende eigendommen, Vernieling bouwwerken
Rechtsmacht: Correctionele rechtbank
Rechtsgebied: Antwerpen
Unia (burgerlijke) partij: ja
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagde voor:
- Belaging (artikel 442bis oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 442ter oud Strafwetboek).
- Aanzetten tot haat of geweld jegens een groep, een gemeenschap of de leden ervan (artikel 20, 4° antiracismewet 1981 zoals gewijzigd in 2007 – thans artikel 250, 4° Strafwetboek).
- Vernieling of beschadiging van graven, monumenten of kunstvoorwerpen (artikel 526 oud Strafwetboek).
- Vernieling van afsluitingen (artikel 545 oud Strafwetboek).
Beslissing
De beklaagde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden (waarvan 8 maanden met 3 jaar uitstel) en een geldboete van 1.600 euro (met 3 jaar probatie-uitstel).
Unia was betrokken partij.