Ga verder naar de inhoud

Correctionele rechtbank Brussel (Franstalig), 11 juni 2019

De gerechtelijke politie ontdekt een Twitter-account waarmee haatboodschappen worden  verspreid ten aanzien van Joden en personen van Afrikaanse origine. De beklaagde draagt tattoos die verwijzen naar het nazisme en bezit een aantal voorwerpen die van hetzelfde gedachtengoed getuigen.

[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]

Gepubliceerd op: 11/06/2019
Domeinen: Media en sociale media
Beschermde kenmerken: Racisme, Geen beschermd kenmerk
Rechtsinbreuk(en): Haatspraak, Aanzettingsmisdrijf, Verspreidingsverbod, Negationisme
Rechtsmacht: Correctionele rechtbank
Rechtsgebied: Brussel
Unia (burgerlijke) partij: ja

Juridische kwalificatie

Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagde voor:

  • Aanzetten tot haat of geweld  jegens een groep, een gemeenschap of de leden ervan (artikel 20, 4° antiracismewet 1981 zoals gewijzigd in 2007 – thans artikel 250, 4° Strafwetboek).
  • Verspreiden van denkbeelden die zijn gegrond op rassuperioriteit of rassenhaat (artikel 21 antiracismewet 1981 zoals gewijzigd in 2007 – thans artikel 251 Strafwetboek).
  • Ontkennen, schromelijk minimaliseren, pogen te rechtvaardigen of goedkeuren van de genocide die tijdens de Tweede Wereldoorlog door het Duitse nationaal-socialistische regime is gepleegd (artikel 1 negationismewet – thans artikel 256 Strafwetboek).

Beslissing

De Twitteraar wordt veroordeeld voor aanzetten tot haat en verspreiden van denkbeelden die zijn gegrond op rassuperioriteit. 

De uitspraak wordt opgeschort gedurende 3 jaar, mits het naleven van een reeks voorwaarden.

Unia was betrokken partij.

 

Op de hoogte blijven van juridisch nieuws?