Correctionele rechtbank Namen, afdeling Dinant, 9 maart 2017
Mijnheer V. werd vervolgd omdat hij een slag toebracht aan mevrouw N. die bij hem thuis kwam om zijn echtgenote te verzorgen. De feiten gingen gepaard met beledigingen wegens de Afrikaanse afkomst van mevrouw N. De correctionele rechtbank weerhield racisme als verzwarende omstandigheid.
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagde voor:
- Opzettelijke slagen en verwondingen met ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge (artikel 399 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 405quater oud Strafwetboek).
Beslissing
De beklaagde werd veroordeeld voor opzettelijke slagen en verwondingen ten aanzien van mevrouw N., met ziekte of werkonbekwaamheid als gevolg. En dat met als verzwarende omstandigheid dat één van de beweegredenen bestond uit de haat tegen, het misprijzen van of de vijandigheid tegen een persoon omwille van de huidskleur en de nationale afstamming
De beklaagde werd veroordeeld tot een hoofdgevangenisstraf van 10 maanden én een geldboete van 600 euro. Deze straf werd uitgesproken met 5 jaar uitstel voor wat betreft de hoofdgevangenisstraf en met 3 jaar uitstel voor wat betreft de geldboete.
Aandachtspunt
Bij het bepalen van de strafmaat hield de correctionele rechtbank rekening met het bijzonder onaangename karakter van de gebeurtenissen en de grote impact op mevrouw N., die zich bovendien in het huis bevond om de echtgenote van de beklaagde te verzorgen. Anderzijds werd ook rekening gehouden met de hoge leeftijd van de beklaagde (71 jaar) en met het feit dat er op zijn strafblad enkel een vermelding stond van lang geleden, om uitstel te verlenen voor de opgelegde straffen.