Correctionele rechtbank Brussel (Franstalig), 6 april 2007
De correctionele rechtbank werd gevat voor herhaaldelijk geweld en diverse discriminaties waarbij verschillende portiers alsook een verantwoordelijke van de dancing W.W.L. betrokken waren.
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagden voor:
- Afpersing (artikel 470 oud Strafwetboek).
- Opzettelijke slagen en verwondingen met ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge (artikel 399 oud Strafwetboek).
- Schuldig verzuim (artikel 422bis oud Strafwetboek).
- Opzettelijke slagen en verwondingen (artikel 398 oud Strafwetboek).
- Bedreiging met een aanslag op personen of eigendommen (artikel 327 oud Strafwetboek).
- Aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon (artikel 1, 1° antiracismewet 1981 – thans artikel 250, 1°-2° Strafwetboek).
- Rassendiscriminatie bedrijven bij het leveren of het aanbieden van levering van een goed of dienst (artikel 2 antiracismewet 1981 – thans artikel 254 Strafwetboek).
Beslissing
De correctionele rechtbank heeft geoordeeld dat P., voormalig portier, schuldig was aan discriminerende weigering tot toegang op grond van de Noord-Afrikaanse afkomst van E. aangezien hij deze laatste sloeg en uitmaakte voor “vuile Arabier”.
Het slachtoffer, dat zich burgerlijke partij stelde, kreeg een schadevergoeding van 1.000 euro die portier M. diende te betalen voor zijn racistische uitlatingen, zijn geweld en zijn weigering tot toegang en nog eens 1.000 euro ten laste van een andere gewelddadige portier C.
Het Centrum dat zich burgerlijke partij stelde kreeg eveneens een schadevergoeding van 1.000 euro, te betalen door voormalig portier P.
Daarentegen werd A. vroegere verantwoordelijk voor het personeel, vrijgesproken voor wat de discriminatie betreft. De correctionele rechtbank meende dat geen enkel bewijs was geleverd waardoor werd aangetoond dat hij aan de portiers de opdracht gaf om te discrimineren.