Correctionele rechtbank West-Vlaanderen, afdeling Brugge, 18 oktober 2022
2 mannen werden veroordeeld voor aanzetten tot haat of geweld nadat ze zich racistisch hadden uitgelaten tijdens een tramrit.
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Feiten
De 2 beklaagden hadden zich op een tram meermaals racistisch uitgelaten tegenover een man van buitenlandse origine. Eén van de beklaagden had getracht om de man een stamp te geven. De politie stelde vast dat de beklaagden stevig gedronken hadden. Ze lieten duidelijk hun sympathie voor het Vlaams Belang blijken. De feiten bleken uit politionele vaststellingen, getuigenverklaringen van controleurs van De Lijn en camerabeelden.
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagden voor:
- Aanzetten tot haat of geweld jegens een persoon (artikel 20, 2° antiracismewet 1981 zoals gewijzigd in 2007 – thans artikel 250, 2° Strafwetboek).
Beslissing
De correctionele rechtbank veroordeelde de beklaagden tot een werkstraf van respectievelijk 60 en 46 uren. Daarbij bepaalde de correctionele rechtbank dat de werkstraf bij voorkeur moest worden uitgevoerd op een plaats die verband hield met de strijd tegen racisme (in toepassing van artikel 37 quinquies § 4, 2e lid oud Strafwetboek).
Unia was geen betrokken partij.