Grondwettelijk Hof, 20 mei 2021
Door artikel 46 van de wet van 20 december 2020 houdende diverse tijdelijke en structurele bepalingen inzake justitie in het kader van de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19, kan enkel de advocaat van de geïnterneerden gehoord worden maar verschijnen zij niet meer persoonlijk.
Gepubliceerd op: 20/05/2021
Domeinen: Politie en justitie
Beschermde kenmerken: Discriminatie op basis van handicap (validisme), Geen beschermd kenmerk
Rechtsinbreuk(en): Andere, Discriminatie (burgerrechtelijk), Directe discriminatie
Rechtsmacht: Grondwettelijk Hof
Rechtsgebied: België
Unia (burgerlijke) partij: neen
Beslissing
Het Grondwettelijk Hof vernietigt de bepaling aangezien het doel wel legitiem is, namelijk de bestrijding van de pandemie, maar de aangewende middelen zijn strijdig met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet.
Unia was geen betrokken partij.
Afgekort: GW.Hof, 20-05-2021, 76/2021
Wetgeving:
- Artikel 10 en artikel 11 Grondwet
- Artikel 46 Wet houdende diverse tijdelijke en structurele bepalingen inzake justitie in het kader van de strijd tegen de verspreiding van het coronavirus COVID-19 (20 december 2020)