Hof van beroep Brussel (Franstalig), 23 juni 2026
2 beklaagden maken via Grindr afspraakjes met homoseksuele mannen om ze, met gebruik van geweld, te bestelen. Het hof van beroep verklaarde een bijkomende overval en het gebruik van een mes bewezen. Het verminderde de zware straffen die de correctionele rechtbank oplegde.
[Eerste aanleg: Correctionele rechtbank Brussel (Franstalig), 25 juni 2025]
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Feiten
Jongeren maakten via de datingsite Grindr afspraakjes met homoseksuele mannen. De afspraakjes gingen door in een park. Eenmaal ter plaatse werden de slachtoffers uitgescholden (voor "pédophile", "sale pédé" ...), geslagen en, desgevallend onder bedreiging met een mes of een vuurwapen, bestolen. In verschillende gevallen werden ook bankkaarten, codes en gsm's afgenomen en gebruikt om geld af te halen.
- 2 beklaagden werden geïdentificeerd en vervolgd voor een 10-tal feiten gepleegd ten aanzien van verschillende slachtoffers tussen april en juni 2024.
- 4 slachtoffers stelden zich in eerste aanleg samen met Unia burgerlijke partij. In hoger beroep tekenden enkel 1 slachtoffer en Unia beroep aan. De andere slachtoffers hadden al een schadevergoeding verkregen.
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagden voor:
- Afpersing (artikel 470 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende factor (artikel 78bis en 78ter oud Strafwetboek).
- Diefstal met geweld (artikel 468 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende factor (artikel 78bis en 78ter oud Strafwetboek).
- Aanslag op de persoonlijke vrijheid en op de onschendbaarheid van de woning (artikel 434 e.v. oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 438bis oud Strafwetboek).
- Opzettelijke slagen en verwondingen met een ongeneeslijk lijkende ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid van meer dan 4 maanden ten gevolge (artikel 400 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 405quater oud Strafwetboek).
- Informaticabedrog (artikel 504quater oud Strafwetboek).
- Opzettelijke slagen en verwondingen (artikel 398 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 405quater oud Strafwetboek).
- Bedreiging met een aanslag op personen of eigendommen (artikel 329 oud Strafwetboek).
- Inbreuk op de wet houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens (wapenwet).
Beslissing
Het hof oordeelde dat alle ten laste gelegde feiten bewezen waren. Anders dan de correctionele rechtbank achtte het hof ook bewezen dat beide beklaagden betrokken waren bij de feiten van 21 juni 2024 ten aanzien van het slachtoffer dat samen met Unia beroep aangetekend had. Daarnaast oordeelde het hof dat bij de feiten van 13 juni 2024 wel degelijk een mes werd gebruikt.
Het hof was van mening dat de beklaagden handelden vanuit een discriminerende drijfveer. Dat kon worden afgeleid uit het feit dat ze hun slachtoffers - in casu homoseksuele mannen - doelbewust uitkozen, gratuit geweld gebruikten en hun slachtoffers uitscholden (onder meer voor "pédé").
- Het hof verminderde de gevangenisstraf van de hoofdbeklaagde van 7 naar 6 jaar omdat het, ondanks de uitzonderlijke ernst van de feiten, rekening hield met zijn jonge leeftijd, zijn vrijwel volledige bekentenissen, zijn blijk van zelfreflectie, de opgestarte vergoeding van de slachtoffers en de inspanningen die hij vanuit de gevangenis had geleverd.
- De tweede beklaagde werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 40 maanden, waarvan de helft met probatie-uitstel gedurende 5 jaar. In eerste aanleg was dat nog een gevangenisstraf van 3 jaar (waarvan 2 jaar met probatie-uitstel).
- Beide beklaagden verloren bovendien gedurende 5 jaar hun stemrecht en verschillende andere burgerlijke en politieke rechten.
De eerder toegekende schadevergoedingen aan verschillende slachtoffers bleven behouden. Daarnaast kende het hof aan een bijkomend slachtoffer een provisionele schadevergoeding van 5.000 euro toe en stelde het een gerechtsdeskundige aan om diens schade verder te begroten.
Waar de correctionele rechtbank aan Unia een schadevergoeding van 500 euro had toegekend, kende het hof in beroep een symbolische schadevergoeding van 1 euro toe.
Aandachtspunten
- Het arrest illustreert dat een discriminerende drijfveer niet alleen kan blijken uit expliciet homofobe uitspraken, maar ook uit de 'modus operandi' (werkwijze), namelijk de systematische selectie van slachtoffers op basis van hun seksuele oriëntatie. Het hof hechtte daarbij belang aan het terugkerende patroon van de feiten, de gebruikte beledigingen en de keuze van de slachtoffers.
- De modus operandi van de beklaagden - contact leggen via de datingsite Grindr - is niet nieuw en komt vaker voor. Op de website van Lumi staan tips over het omgaan met geweld en discriminatie en over de mogelijkheid om bijstand te krijgen.
- De hoofdbeklaagde gaf aan in te zien dat hij ten onrechte een amalgaam maakte tussen homoseksualiteit en pedofilie.
Unia was betrokken partij.
Afgekort: Brussel (11e k.), 23/6/2026 – Rolnummer 2025/CO/893