Hof van beroep Luik, 2 september 2021
Een dronken man komt terug van een feestje met zijn vriendin. Er ontstaat op die terugweg een gevecht met een buur voor diens huis. De buur komt op de proppen met een vuurwapen en de dronken man raakt gewond. De verklaringen over het incident lopen sterk uiteen.
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagde voor:
- Poging tot doodslag (doden met het oogmerk om te doden) (artikel 393 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 405quater oud Strafwetboek).
- Opzettelijke slagen en verwondingen (artikel 398 oud Strafwetboek) met discriminerende drijfveer als verzwarende omstandigheid (artikel 405quater oud Strafwetboek).
Beslissing
In eerste aanleg werd de buur veroordeeld voor poging tot doodslag met verzwarende omstandigheden omwille van raciale redenen.
Het hof van beroep daarentegen meent dat er wel sprake is van slagen en verwondingen maar dat het haatmotief niet voorhanden is. Het slachtoffer kreeg wel degelijk een raciaal getinte spotnaam toegeroepen maar het is niet duidelijk of deze woorden werden uitgesproken door de buur of zijn partner. Het feit dat dergelijke bewoordingen geuit worden tijdens een gevecht is onvoldoende om te spreken van een haatmotief.
Unia was geen betrokken partij.