Hof van beroep Antwerpen, 17 september 1998
Veroordeling voor smaad en toebrengen van slagen aan een politieagent en voor het bedrijven van rassendiscriminatie ten opzichte van 2 jongeren van Marokkaanse origine.
[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]
Gepubliceerd op: 17/09/1998
Domeinen: Politie en justitie, Samenleving
Beschermde kenmerken: Racisme
Rechtsinbreuk(en): Haatmisdrijf, Slagen en verwondingen, Smaad
Rechtsmacht: Hof van beroep
Rechtsgebied: Antwerpen
Unia (burgerlijke) partij: neen
Juridische kwalificatie
Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagden voor:
- Valse naamdracht (artikel 231 oud Strafwetboek).
- Smaad door woorden, daden, gebaren of bedreigingen (artikel 276 oud Strafwetboek).
- Opzettelijke slagen en verwondingen met ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge (artikel 399 oud Strafwetboek).
- Aanzetten tot discriminatie, rassenscheiding, haat of geweld jegens een groep, een gemeenschap of de leden ervan (artikel 1, 2° antiracismewet 1981 – thans artikel 250, 3°-4° Strafwetboek).
Beslissing
Het hof van beroep bevestigt de uitspraak van de correctionele rechtbank van Hasselt van 25 februari 1997 en beklemtoont dat de opgelegde geldboete voldoende rekening houdt met het uiterst laakbaar en vijandig gedrag dat de dader vertoonde t.a.v. 2 jongeren van Marokkaanse origine. Dit moet de dader doen inzien dat een dergelijke houding in een democratische samenleving onduldbaar is.