Ga verder naar de inhoud

Hof van beroep Brussel (Franstalig), 28 maart 1998

Na een auto-ongeluk tussen een persoon met migratieroots en een Belg vraagt de eerste persoon de tussenkomst van de politie. De politie weigert een vaststelling te doen en uiteindelijk wordt de niet-Belg naar het commissariaat gevoerd.

[Waarschuwing: deze uitspraak kan kwetsend taalgebruik bevatten.]

Gepubliceerd op: 28/03/1998
Domeinen: Politie en justitie
Beschermde kenmerken: Racisme
Rechtsinbreuk(en): Discriminatie (strafrechtelijk), Discriminatie door ambtenaar, Haatmisdrijf, Slagen en verwondingen
Rechtsmacht: Hof van beroep
Rechtsgebied: Brussel
Unia (burgerlijke) partij: neen

Feiten

Na een auto-ongeluk tussen een persoon met migratieroots en een Belg vraagt de eerste persoon de tussenkomst van de politie voor een vaststelling van de feiten, gezien de partijen niet tot een minnelijke schikking komen. De politie weigert een vaststelling te doen. Uiteindelijk wordt de niet-Belg tegen zijn wil en met geweld naar het commissariaat gevoerd en hierbij ernstig verwond.

De correctionele rechtbank van Brussel veroordeelt de politieambtenaren voor niet-legitiem geweld in een vonnis van 20 februari 1997, in casu slagen en verwondingen met de arbeidsongeschiktheid tot gevolg door ambtenaren in functie voor het op willekeurige wijze ontzeggen van een recht, in casu het recht een proces-verbaal te laten opmaken na een autoaccident door ambtenaren in functie omwille van ras, huidskleur, afstamming, afkomst of nationaliteit.

Juridische kwalificatie

Het openbaar ministerie vervolgde de beklaagden voor:

  • Opzettelijke slagen en verwondingen met ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge (artikel 399 oud Strafwetboek). 

Beslissing 

Het hof van beroep van Brussel spreekt de agenten vrij omwille van gebrek aan afdoende bewijzen dat de handelingen van de politiemensen door racisme of xenofobie waren ingegeven.

Op de hoogte blijven van juridisch nieuws?