Hof van Justitie van de Europese Unie, 22 januari 2019
Een man werkt op Goede Vrijdag. Omdat hij geen lid is van bepaalde kerken die Goede Vrijdag als een feestdag erkennen, heeft hij geen recht op een extra vergoeding.
Cresco Investigation GmbH tegen Markus Achatzi (C-193/17)
Feiten
Overeenkomstig § 7, lid 3, ARG is Goede Vrijdag voor leden van de evangelische kerken Augsburger Bekenntnis en Helvetisches Bekenntnis, de Oud-Katholieke Kerk en de Evangelisch-Methodistische Kerk, een betaalde feestdag met een rustperiode van 24 uur. Wanneer een lid van een van deze kerken op deze dag desalniettemin arbeid verricht, heeft hij recht op een extra vergoeding voor deze feestdag.
A. is werkzaam bij Cresco, een detectivebureau, en is geen lid van een van de in het ARG genoemde kerken. Hij is van oordeel dat de toeslag hem op discriminerende wijze werd ontzegd voor de door hem op 3 april 2015, Goede Vrijdag, verrichte arbeid en verlangt daarom van zijn werkgever betaling van 109,09 EUR, vermeerderd met rente.
Beslissing
Artikel 1 en artikel 2, lid 2, van richtlijn 2000/78/EG moeten aldus worden uitgelegd dat een nationale wettelijke regeling op grond waarvan Goede Vrijdag slechts voor werknemers die lid zijn van bepaalde christelijke kerken een feestdag is, en voorts alleen deze werknemers, wanneer zij op die feestdag moeten werken, recht hebben op een toeslag bovenop hun salaris voor de op die dag verrichte arbeid, directe discriminatie op grond van godsdienst oplevert.
De nationale wettelijke bepalingen kunnen niet worden aangemerkt als maatregelen die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de rechten en vrijheden van derden in de zin van artikel 2, lid 5, van richtlijn 2000/78, noch als specifieke maatregelen die bedoeld zijn om de nadelen verband houdende met godsdienst te compenseren in de zin van artikel 7, lid 1, van die richtlijn.
Artikel 21 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie moet aldus worden uitgelegd dat, zolang de betrokken lidstaat zijn wettelijke regeling op grond waarvan alleen aan werknemers die lid zijn van bepaalde christelijke kerken een feestdag wordt toegekend op Goede Vrijdag, niet heeft aangepast om de gelijke behandeling te herstellen, een particuliere werkgever voor wie die wettelijke regeling geldt, verplicht is om ook aan zijn andere werknemers het recht op een vrije dag op Goede Vrijdag toe te kennen, mits deze andere werknemers vooraf om toestemming van die werkgever hebben gevraagd om die dag niet te hoeven werken, en dus ook verplicht is om aan deze werknemers het recht op een toeslag bovenop hun salaris voor de op die dag verrichte arbeid toe te kennen wanneer hij geen toestemming voor een vrije dag heeft verleend.
Unia was geen betrokken partij.
Afgekort: EU-HvJ, Cresco Investigation GmbH tegen Markus Achatzi, 22/1/2019 – Rolnummer C-193/17
Wetgeving:
- Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (7 december 2000)
- EU-Kaderrichtlijn 2000/78/EG (27 november 2000)