Raad van State, 17 februari 2026
Een stagiair bij de NMBS krijgt een arbeidsongeval en kan daardoor zijn stage niet afronden binnen een periode van 2 jaar. De stage wordt daarom beëindigd door de NMBS. De Raad van State stelt een inbreuk vast op de antidiscriminatiewet.
Vonnis of arrest downloaden
Raad van State 17 februari 2026 (pdf - 73 KB) Raad van State 23 augustus 2024 (pdf - 55 KB)Feiten
Een persoon doet stage bij de NMBS om treinbestuurder te worden. 3 dagen na het begin van de stage wordt de betrokkene langdurig arbeidsonbekwaam door een ongeval op de weg naar het werk. De NMBS beëindigt uiteindelijk de stage en verwijst naar het reglement waarin staat dat de opleiding binnen een periode van 2 jaar moet worden afgerond (wat niet mogelijk was door de langdurige afwezigheid van de stagiair).
De betrokkenen oordeelt dat deze beslissing discriminatoir is.
Beslissing
De Raad van State oordeelt dat het stopzetten van de stage een inbreuk vormt op de antidiscriminatiewet en annuleert de beslissing tot het beëindigen van de stage.
Stagiairs die zich in een verschillende situatie bevinden, worden door de NMBS op dezelfde manier behandeld en moeten hun stage binnen een periode van 2 jaar afronden. De NMBS toont niet aan dat redelijke aanpassingen voor haar een onevenredige belasting zouden vormen.
Unia was geen betrokken partij.
Afgekort: RvS 17/2/2026 - Rolnummer 265.772
Wetgeving:
- Internationaal verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (12 december 2006) en facultatief protocol (13 december 2006) (officiële Engelstalige versie op de website van de VN)
- Artikel 5 EU-Kaderrichtlijn 2000/78/EG (27 november 2000)
- Artikel 10 en artikel 11 Grondwet