Ga verder naar de inhoud

Arbeidsrechtbank Brussel (Franstalig), 27 februari 2026

Een vrouw solliciteert bij een Brusselse overheidsdienst, maar zet de selectieprocedure stop nadat blijkt dat ze geen hoofddoek mag dragen op het werk. Na tussenkomst van Unia blijkt dat de overheidsdienst geen coherent en systematisch neutraliteitsbeleid voert, maar enkel kan verwijzen naar een aantal algemene en vage principes. De arbeidsrechtbank oordeelt dat er sprake is van directe discriminatie op basis van geloofsovertuiging.

Gepubliceerd op: 27/02/2026
Domeinen: Arbeid
Beschermde kenmerken: Discriminatie op basis van geloof of levensbeschouwing, Discriminatie op basis van geslacht (of gender)
Rechtsinbreuk(en): Discriminatie (burgerrechtelijk), Directe discriminatie, Indirecte discriminatie, Intersectionele discriminatie
Rechtsmacht: Arbeidsrechtbank
Rechtsgebied: Brussel
Unia (burgerlijke) partij: neen

Feiten

Een vrouw solliciteert bij een Brusselse overheidsdienst voor de functie van Project Manager Digital Transformation. Nadat de vrouw te kennen geeft dat ze een hoofddoek wil dragen op het werk, om religieuze redenen, wordt de selectieprocedure stopgezet. De overheidsdienst stelt dat al 30 jaar lang een neutraliteitspolitiek wordt gehanteerd die het dragen van religieuze en andere tekenen op het werk verbiedt.

Na tussenkomst van Unia blijkt dat de overheidsdienst over geen enkel arbeidsreglement en geen enkele interne nota beschikt waarin dit neutraliteitsprincipe wordt verduidelijkt.

De vrouw beslist uiteindelijk om een rechtszaak te beginnen en argumenteert dat ze werd gediscrimineerd op basis van haar geloofsovertuiging en geslacht.

Beslissing

Directe discriminatie op basis van geloofsovertuiging

De arbeidsrechtbank oordeelt dat de vrouw feiten kan aantonen die wijzen op een vermoeden van discriminatie op basis van geloofsovertuiging.

Uit de correspondentie met Unia blijkt dat de overheidsdienst nergens een expliciete interne regel heeft die een formeel verbod op het dragen van religieuze tekenen inhoudt. De overheidsdienst kan enkel verwijzen naar een aantal vage en algemene principes. De neutraliteitspolitiek waarnaar de overheidsdienst verwijst, vertaalt zich in de feiten niet naar een coherent en systematisch beleid dat erin bestaat dat alle zichtbare tekenen van politieke, filosofische of geloofsovertuiging worden verboden.

Ten slotte kan de overheidsdienst ook niet aantonen dat het verbod op het dragen van een hoofddoek om religieuze redenen berust op een wezenlijke en bepalende beroepsvereiste. De arbeidsrechtbank wijst er in dat verband op dat de functie waarvoor de vrouw solliciteerde geen contact met het publiek vereist.

De arbeidsrechtbank besluit dat er sprake is van directe discriminatie op basis van geloofsovertuiging.

Indirecte discriminatie op basis van geslacht

De vrouw meende dat er ook sprake is van indirecte discriminatie op basis van geslacht, maar de arbeidsrechtbank oordeelt dat de vrouw geen feiten kan aantonen die wijzen op een vermoeden van discriminatie op basis van geslacht.

Schadevergoeding

De arbeidsrechtbank stelt vast dat andere kandidaten die solliciteerden voor de functie een hogere score behaalden. Zelfs als de vrouw de selectieprocedure zou hebben voortgezet, dan zou ze niet geselecteerd zijn geweest. Daarom wordt de forfaitaire schadevergoeding herleid tot 3 maanden brutoloon.

Aandachtspunt

De arbeidsrechtbank verwijst in het vonnis naar de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie, meer bepaald naar de arresten Bougnaoui (c-188/15, § 32 en 34), Achbita (C-157/15, § 30) en Gemeente Ans (C-148/22, § 27), waarin wordt verwezen naar "een interne regel die zonder onderscheid geldt voor alle uitingen en overtuigingen en die wordt geacht alle werknemers van de onderneming op dezelfde wijze te behandelen door hen op algemene en niet-gedifferentieerde wijze te verplichten zich neutraal te kleden, wat het dragen van dergelijke tekens uitsluit".

Unia was geen betrokken partij in de rechtszaak.

Afgekort: Arbrb. Brussel (Fr.), 27/2/2026 - Rolnummer 24/3353/A

Wetgeving:

Op de hoogte blijven van juridisch nieuws?