Antwoorden op de meest gestelde vragen over de maatregelen in de strijd tegen COVID-19

21 oktober 2021
Discriminatiegrond: Andere gronden

Sinds maart 2020 kampen we met een wereldwijde pandemie en nemen verschillende overheden maatregelen om die te bestrijden. Daarbij worden steeds tegenstrijdige belangen en conflicterende mensenrechten in de schaal gelegd. Hier vind je een aantal antwoorden op veel voorkomende vragen over mogelijk discriminerende gevolgen van coronamaatregelen.

Deze FAQ wordt regelmatig bijgewerkt, laatste update : 26/11/2021.

1. Toegang tot goederen en diensten (restaurants, ziekenhuizen, banken,…)

Antwoorden op de meest gestelde vragen over de maatregelen in de strijd tegen COVID-19

1. Kan iemand je de toegang tot publiek beschikbare goederen en diensten weigeren op basis van je vaccinatiestatus?

Neen, je vaccinatiestatus maakt deel uit van je gezondheidstoestand. Gezondheidstoestand is een beschermd kenmerk volgens de antidiscriminatiewetgeving. Aangezien er geen specifieke wettelijke regeling is die vaccinatie verplicht maakt, mag men personen niet onderscheiden, weigeren of controleren op grond van hun vaccinatiestatus. Bovendien ben je niet verplicht om je vaccinatiestatus mee te delen. De overheid heeft wel de mogelijkheid gecreëerd om in bepaalde gevallen de toegang afhankelijk te maken van het zogenaamde Covid Safe Ticket (zie onder). Let op: deze regels kunnen variëren per regio en kunnen veranderen doorheen de tijd. Ook voor Europese reizen kan een digitaal COVID-certificaat verplicht zijn.

Is er dan sprake van discriminatie?  Enkel de bevoegde rechter kan zich uitspreken over het discriminatoir karakter van bepaalde maatregelen of over de objectieve en redelijke rechtvaardiging ervan. Unia meent dat het weigeren van toegang tot goederen en diensten op grond van vaccinatiestatus en/of het toekennen van bepaalde voordelen aan wie zich laat vaccineren als discriminerend zou kunnen worden beschouwd.  

  • Wat kan Unia doen?

Afhankelijk van de individuele situatie kan Unia beslissen om met jouw toestemming de aansprakelijke te contacteren om het wettelijk kader te verduidelijken en te vragen om erover te waken dat er geen maatregelen worden genomen die in overtreding zijn met de antidiscriminatiewetgeving (en/of de regelgeving rond het gebruik van het Covid Safe Ticket).

2. Kan men de toegang tot goederen en diensten, activiteiten, events, enz. afhankelijk maken van een Covid Safe Ticket (CST)?

Ja, dat kan.

De overheid heeft de wettelijke mogelijkheid gecreëerd om een Covid Safe Ticket (CST) als toegangsvoorwaarde te stellen tot welbepaalde plaatsen, activiteiten en evenementen. In het FAQ van de website www.info-coronavirus.be vind je terug waaraan evenementen moeten voldoen om gebruik te kunnen maken van het CST.

Het CST mag niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan deze bepaald in de regelgeving. 

De voorwaarden voor het toegestane gebruik van het CST kunnen wijzigen. We baseren ons op de momenteel geldende en gepubliceerde regel- en wetgeving.

  • Wat kan Unia doen?

Afhankelijk van de individuele situatie kan Unia beslissen om met jouw toestemming de aansprakelijke te contacteren om het wettelijk kader te verduidelijken en te vragen om erover te waken dat er geen maatregelen worden genomen die in overtreding zijn met de antidiscriminatiewetgeving door het gebruik van het Covid Safe Ticket.

3. Is het discriminatie als ik moet betalen voor coronatesten om een Covid Safe Ticket te bekomen?

Er is een risico op indirecte discriminatie. Het Covid Safe Ticket is gratis, maar er is wel een kost verbonden aan het afleggen van een coronatest. Unia betreurt dat niet alle middelen om de overdracht van het virus te beperken voor iedereen toegankelijk of zelfs gratis zijn.

  • Wat kan Unia doen?

Unia volgt meldingen over betalende coronatesten niet individueel op. Unia uitte al eerder haar bezorgdheid over het uitsluitend aanbieden van gratis PCR-testen aan personen die nog niet de kans kregen om zich volledig te laten vaccineren.

4. Is het niet-naleven van de uitzondering op de mondmaskerplicht discriminatie?

Hoewel enkel de bevoegde rechter zich kan uitspreken over het discriminatoir karakter van bepaalde maatregelen of over de objectieve en redelijke rechtvaardiging ervan, meent Unia dat het ontzeggen van de toegang aan personen die omwille van medische redenen of een handicap geen mondmasker kunnen dragen (mits een medisch attest) zou kunnen beschouwd worden als een discriminatie op grond van gezondheidstoestand en/of handicap. 

Artikel 22 van het Koninklijk besluit van 28 oktober 2021 houdende de nodige maatregelen van bestuurlijke politie teneinde de gevolgen voor de volksgezondheid van de afgekondigde epidemische noodsituatie betreffende de coronavirus COVID-19 pandemie te voorkomen of te beperken voorziet een uitzondering op de mondmaskerplicht voor personen die dit omwille van medische redenen of handicap niet kunnen dragen:

“Wanneer het dragen van een mondmasker niet mogelijk is omwille van medische redenen, mag een gelaatsscherm worden gebruikt. De personen die in de onmogelijkheid zijn een mondmasker of een gelaatsscherm te dragen omwille van een beperking, gestaafd door middel van een medisch attest, moeten niet voldoen aan de bepalingen van dit besluit die deze verplichting voorzien.”

Wat kan je zelf doen?

Indien je wil kan je, met de bovenstaande informatie, zelf contact opnemen met de instantie die je de toegang weigerde zonder mondmasker.

Wat kan Unia doen? 

Unia kan met jouw toestemming contact opnemen met de aansprakelijke om deze te wijzen op de bestaande wetgeving en aan te manen om de uitzonderingsmogelijkheid op de mondmaskerplicht na te leven.

Unia volgt de problematiek daarnaast ook structureel op.

2. Onderwijs

Antwoorden op de meest gestelde vragen over de maatregelen in de strijd tegen COVID-19

1. Kan een school vragen naar de vaccinatiestatus van haar leerlingen?

Het antwoord op deze vraag valt niet onder de bevoegdheid van Unia maar onder de bevoegdheid van de gegevensbeschermingsautoriteit.  

2. Kan een school de toegang weigeren tot bepaalde schoolactiviteiten, stages enz. op grond van vaccinatiestatus?

Neen, dit kan niet.

In België is vaccinatie tegen het coronavirus sterk aanbevolen maar niet verplicht. De overheid zet sterk in op het motiveren van burgers om zich te laten vaccineren. Ook onderwijsinstellingen worden daarom gestimuleerd om met leerlingen over vaccinatie te spreken. Scholen kunnen echter geen vaccinatie eisen.

Hoewel enkel de bevoegde rechter zich kan uitspreken over het discriminatoir karakter van bepaalde maatregelen of over de objectieve en redelijke rechtvaardiging ervan, meent Unia dat het weigeren van toegang tot onderwijsactiviteiten op grond van vaccinatiestatus als discriminerend zou kunnen worden beschouwd.

Bekijk ook: Corona: veelgestelde vragen en antwoorden - basis en secundair onderwijs | Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming

Wat kan je zelf doen? Als je je vragen stelt over het beleid van de school, raden wij je ook aan om hierover in gesprek te gaan met de klastitularis of met de directie en/of inrichtende macht. Bovenstaande informatie kan je daarbij verder helpen

  • Wat kan Unia doen?

Als een school de toegang weigert tot bepaalde schoolactiviteiten, stages enz. kan Unia beslissen om - met jouw toestemming - de onderwijsinstelling te contacteren om haar te informeren over het wettelijk kader en vragen om erover te waken dat er geen maatregelen worden genomen die in overtreding zijn met de antidiscriminatiewetgeving.

Unia volgt de problematiek ook structureel op.

3. Wat als de school een uitstap of reis organiseert waarvoor een digitaal COVID-certificaat vereist is?

De overheid heeft de mogelijkheid gecreëerd om in bepaalde gevallende een digitaal COVID-certificaat verplicht te maken voor de toegang tot welbepaalde plaatsen.

Specifiek voor activiteiten in het Brussels Hoofdstedelijk gewest: het ontwerp van Brusselse Ordonnantie voorziet evenwel dat bezoeken in het kader van schoolactiviteiten of in het kader van of met het oog op het nakomen van een wettelijke verplichting, niet onderworpen zijn aan het gebruik van een COVID Safe Ticket.

Om te kunnen reizen binnen Europa is het Europees Digitaal COVID-certificaat wel verplicht. Het is ook mogelijk dat in het land van bestemming een Digitaal COVID-certificaat geldt als toegangsvoorwaarde tot horeca, voorstellingen en bepaalde transportmiddelen.

  • Wat kan Unia doen?

Unia volgt deze problematiek structureel op met de bevoegde ministers. We dringen erop aan dat scholen bij het organiseren van activiteiten en reizen op zoek gaan naar de meest inclusieve oplossing, opdat zo veel mogelijk leerlingen zouden kunnen deelnemen.

Dat kan bijvoorbeeld door na te denken over het land van bestemming, door het programma van de activiteit of de reis aan te passen, door reizen in te korten of door tussen te komen in de kosten van coronatesten.

3. Arbeid

Antwoorden op de meest gestelde vragen over de maatregelen in de strijd tegen COVID-19

1. Kan mijn werkgever mij om het Covid Safe Ticket vragen?

Neen. Een werkgever kan aan zijn werknemers geen Covid Safe Ticket vragen; het CST kan enkel gevraagd worden in de gevallen voorzien door de wet, dat wil zeggen enkel voor bezoekers van de verschillende etablissementen (restaurant, sportclub, enz.) onderworpen aan het CST.

2. Ik ben werknemer op een plaats waar bezoekers een Covid Safe Ticket moeten tonen. Ben ik zelf verplicht een Covid Safe Ticket te tonen?

Neen, alleen bezoekers van de verschillende vestigingen die onder het Covid Safe Ticket vallen, moeten dit voorleggen. Werknemers in de vestiging zijn echter uitgesloten van de definitie van bezoekers. Ze hoeven dus geen CST te tonen om toegang te krijgen tot hun werkplek.

Dit geldt voor alle werknemers in de inrichting, ongeacht hun kwaliteit: werknemer, zelfstandige, vrijwilliger, enz.

3. Wat als ik een werknemer van een ander bedrijf ben, en ik word naar de gebouwen van een vestiging die onderworpen is aan de CST gestuurd om een ​​dienst te verlenen (bijvoorbeeld, ik ben loodgieter en mijn werkgever stuurt me om een ​​gootsteen in een restaurant te repareren,...)?

Unia is van mening dat deze mensen niet als bezoekers kunnen worden beschouwd, maar gelijkgesteld moeten worden aan werknemers van het etablissement en dus ook geen CST hoeven voor te leggen om toegang te krijgen tot het etablissement in kwestie. Uit de parlementaire voorbereidingen blijkt ook dat het de bedoeling van de wetgever is om personen die aanwezig zijn in gebouwen voor het verlenen van diensten uit te sluiten van de toepassing van de CST.

4. Kan de werkgever mij verplichten om mij te laten vaccineren?

Nee, er is geen wettelijke verplichting en u kunt dus zelf beslissen of u zich al dan niet laat vaccineren.

Het is echter waarschijnlijk dat vaccinatie in de gezondheidszorg vanaf 1 januari 2022 verplicht wordt, met een overgangsperiode tot 1 april.

Verplichte vaccinatie moet wettelijk geregeld worden. 

5. Mag de werkgever naar mijn vaccinatiestatus informeren?

Werknemers zijn niet verplicht hun vaccinatiestatus mee te delen. Bovendien mogen werkgevers de vaccinatiestatus van hun werknemers slechts volgens de voorwaarden van het gegevensbeschermingsrecht verwerken.

6. Wat als ik mij niet kan laten vaccineren omwille van een medische toestand?

Sommige personen kunnen zich wegens hun handicap niet laten vaccineren (bijv. mensen met een verminderd immuunsysteem, allergieën (vanwege het risico op anafylaxie), geestelijke gezondheidsredenen ...). Deze personen kunnen zich beroepen op hun recht op redelijke aanpassingen.

  • Wat betekent dit?

Je kan om aangepast werk verzoeken.
Indien de aard en de context van de beroepsactiviteiten het toelaten, kan je een afwijking van het gezondheidsbeleid in de onderneming vragen (vb. de verplichting om een gezichtsscherm te dragen).

7. Mag de werkgever mij anders behandelen dan werknemers die wel gevaccineerd zijn?

Dit antwoord is belangrijk voor personen die zich niet willen vaccineren. Dit kan zijn omwille van onvoldoende vertrouwen in de werking van het vaccin of omwille levensbeschouwelijke, religieuze of politieke overtuigingen,…

Werkgevers kunnen je niet verplichten om je te laten vaccineren. Een werkgever heeft wel een vergaande zorgplicht als het gaat om een gezonde werkomgeving. Vooral in de zorg is het belang van veiligheid voor cliënten en personeel groot. De werkgever kan dus bijkomende gezondheidsmaatregelen opleggen aan personen die niet gevaccineerd zijn. Dit op voorwaarde dat deze maatregelen passend en proportioneel zijn.

Enkele voorbeelden:

  • tijdelijke uitsluiting van bepaalde taken met nauw patiëntencontact;
  • de verplichting om gezichtsscherm te dragen;
  • het apart nuttigen van maaltijden;
  • ...

8. Mag mijn werkgever een bonus invoeren voor werknemers die zich laten inenten?

Werkgevers mogen werknemers aanmoedigen tot vaccinatie. Dit kan door de werknemers te informeren over de vaccinatiecampagne of bijvoorbeeld het vaccin op te nemen als een extralegaal voordeel in het loonpakket.

Een individuele bonus toekennen aan werknemers die gevaccineerd zijn, maakt een direct onderscheid uit op grond van gezondheidstoestand en een indirect onderscheid uit op grond van verschillende andere beschermde criteria. Unia meent dat het nagenoeg onmogelijk is op de proportionaliteit van zo’n maatregel aan te tonen. Zo’n bonus zal dus discriminatoir zijn.

9. Kan het zijn dat vaccinatie wettelijk verplicht wordt?

Waarschijnlijk zal vaccinatie in de gezondheidszorg vanaf 1 januari 2022 verplicht worden, met een overgangsperiode tot 1 april.

10. Is de toekomstige wettelijke verplichting in overeenstemming met de antidiscriminatiewetgeving ?

Het doel van deze wet is de continuïteit van de zorg te waarborgen en zorgverleners en patiënten te beschermen.

Hoewel er een onderscheid wordt gemaakt tussen gevaccineerd en niet-gevaccineerd personeel in de gezondheidszorg, zal dit geen discriminatie uitmaken in de zin van de Belgische antidiscriminatiewetgeving. In deze wet wordt immers gesteld dat een onderscheid dat bij of krachtens een wet wordt gemaakt, geen discriminatie is. In de praktijk betekent dit dat, zelfs wanneer deze toekomstige federale wetgeving betreffende de vaccinatieplicht van gezondheidswerkers een verschil in behandeling tussen gevaccineerde en niet-gevaccineerde werknemers teweegbrengt, dit niet kan worden beschouwd als discriminatie in de zin van de antidiscriminatiewetgeving, aangezien hierin zal worden voorzien door een wettelijke norm.