Cijfers van Unia

Meldingen behandelen over feiten die discriminatie doen vermoeden en over haatmisdrijven en -boodschappen: dat is één van de opdrachten van Unia. Zijn we bevoegd om een melding te behandelen én gaat het over meer dan een vraag om informatie? Dan openen we een dossier.

Cijfers van Unia

Cijferverslag 2017

6.602: zoveel individuele meldingen registreerde Unia in 2017. Dat waren er 17,5% meer dan in 2016. Van die meldingen openden we 2.017 dossiers: een stijging van 5,8%.

De grootste stijging zagen we in het aantal dossiers rond werk (+13,5%) en politie en justitie (+26,6%). Ook in het domein samenleving was er een opvallende stijging van 11,3%. Gaat het over discriminatiecriteria? Dan zagen we de grootste toename bij dossiers rond de zogenaamde 'raciale' criteria (+12%), vermogen (+34,4%) en gezondheidstoestand (+52,9%). 

Ontdek alle cijfers van 2017. 

Cijfers van Unia

Cijferverslag 2016

In 2016 ontving Unia 5.619 meldingen over vermoedelijke discriminatie, haatboodschappen en haatmisdrijven. Dit betekent een aanzienlijke stijging van 23%: 5.619 meldingen tegenover 4.554 in 2015.

Unia werd in 2016 het meest bevraagd in het maatschappelijke domein werk, met een totaal van 1.098 meldingen: een verhoging van ongeveer 55% in vergelijking met 2015. De stijging liet zich vooral optekenen in de publieke en commerciële sector. Daarnaast kregen we vooral meldingen in het domein goederen en diensten (1.068 meldingen) en het domein media (624 meldingen). 

Wat de discriminatiecriteria betreft, ontving Unia de meeste meldingen voor de zogenaamde ‘raciale’ criteria: 1.647. Daarnaast registreerden we 852 meldingen voor het criterium handicap, en 762 meldingen voor het criterium geloof en levensbeschouwelijke overtuiging. 

Doorblader het cijferverslag voor 2016. 

Cijfers van Unia

Cijferverslag 2015

In 2015 ontving Unia 4.554 meldingen over vermoedelijke discriminatie en opende het 1.596 dossiers. Dat is een lichte daling in vergelijking met 2014, maar de algemene stijging sinds 2010 houdt aan.

De drie belangrijkste domeinen waren, net als in 2014, goederen en diensten (24% van alle dossiers, waaronder vooral huisvesting), media (23%, waaronder vooral internet, en werk (22% van alle dossiers). Daarna volgden: onderwijs (11%), samenleving (10%, vooral burenruzies en dossiers rond de openbare ruimte) en ‘diverse activiteiten’ (4%, denk bijvoorbeeld aan sportieve of culturele evenementen).

De drie voornaamste discriminatiecriteria waren, net als in 2014, de zogenaamde ‘raciale’ criteria (38% van alle dossiers), handicap (22%) en geloof of levensbeschouwing (19%). Daarna volgden: leeftijd (5%), seksuele geaardheid (5%), vermogen (4%) en tot slot gezondheidstoestand (4%).

Download de cijfers voor 2015. 

Blijf op de hoogte

Wil je de activiteiten van Unia volgen? Dat kan op verschillende manieren: