Kiezers met een beperking of psychische kwetsbaarheid gaan vaak niet stemmen (opinie op Sociaal.Net)

16 mei 2019
Actiedomein: Alle domeinen
Discriminatiegrond: Handicap

Kiezers met een verstandelijke beperking of psychische kwetsbaarheid gaan vaak niet stemmen. Hun stem wordt dus niet gehoord. Volgens Unia moet dit anders.

Gaan stemmen op 26 mei, zonder obstakels of al te veel problemen, lijkt voor de lezer vast evident. Dat er geen barrières mogen zijn om iedereen te laten stemmen, vinden we doodnormaal.  

En toch. In de praktijk botsen kiezers met een verstandelijke beperking of psychische kwetsbaarheid op heel wat obstakels. Vaak gaan ze dan niet stemmen en dus wordt hun stem niet gehoord. En dat is niet alleen een kwestie van ontoegankelijke stembureaus of mensen die niet tot aan het stemlokaal geraken. Ook vastgeroeste vooroordelen belemmeren hen om zelf een stem te kunnen uitbrengen. Veel kiezers krijgen daardoor in de praktijk een medisch attest om niet te moeten stemmen, of stemmen bij volmacht.

Dat blijkt uit een onderzoek van Unia. We praatten met mensen met een verstandelijke beperking en met hun familie, begeleiders en dokters. De vraag die bovendrijft: zijn mensen onbekwaam om te gaan stemmen of worden ze onbekwaam omdat onze samenleving hen onderschat en te weinig aangepast is aan hun noden?

Ze lopen niet warm voor politiek

“Mensen met een verstandelijke beperking of psychische kwetsbaarheid liggen niet wakker van politiek,” zo klinkt één van de vooroordelen. Dat is uiteraard je reinste onzin. Waarom zouden mensen met een handicap per definitie geen interesse hebben in wat er om hen heen gebeurt? Uit onze gesprekken bleek dat veel mensen met een verstandelijke beperking wel bezig zijn met kwesties die belangrijk zijn voor hen. Maar het probleem is dat hun stem niet altijd au sérieux wordt genomen. Of je interesse hebt in politiek of niet is voor niemand een wettelijke reden om op 26 mei thuis te blijven – waarom zou dat dus wel zo zijn voor mensen met een beperking of psychische kwetsbaarheid?

We hoorden ook dat mensen met een beperking niet bekwaam zouden zijn om te stemmen. Die beslissing kan in België alleen maar genomen worden door een rechter. Die heeft het recht om te beslissen dat iemand geen stem mag uitbrengen. En vergis je niet: dat gebeurt alleen in zeer extreme gevallen.

Ontoegankelijkheid troef

Voor voorzieningen en families heeft het organisatorisch heel wat voeten in de aarde om mensen voor te bereiden op de verkiezingen en te begeleiden naar het stemlokaal. Daar hebben we natuurlijk alle begrip voor. Het is puzzelen met collega’s van de instellingen om naar de stemlokalen te rijden. Het vraagt van iedereen meer tijd en geduld. Praktische kanttekeningen maken alles moeilijker. Maar daarom niet per se onoplosbaar.

Informatie over de verkiezingen, partijprogramma’s of politieke debatten zijn zelden in begrijpelijke taal. Moeilijk jargon of door elkaar praten is meer regel dan uitzondering. Ook het stembiljet of de programma’s van de stemcomputer kunnen toegankelijker: met bijvoorbeeld foto’s, kleuren en grotere lettertypes. In stembureaus krioelt het bovendien van het volk. Dat veroorzaakt stress voor kiezers die meer tijd nodig hebben om bewust te kiezen.

In andere domeinen zien we vandaag al alternatieven voor de klassieke manier van dienstverlening opduiken: prikkelvrije ruimtes, alternatieve openingsuren, duidelijke richtwijzers, goed georganiseerde mensenstromen… Maar wanneer het gaat over de stembus en het mee beslissen over welke richting onze samenleving uitgaat, staan we zo goed als nergens. Dan houden de aanpassingen op bij een brede deur of een stemhokje voor rolstoelgebruikers.

Het is een recht

Sinds 2009 is in België het VN-verdrag over de rechten van personen met een handicap van kracht. Dat verdrag staat voor een mentaliteitswijziging. Mensen met een handicap moeten we niet betuttelen: het zijn volwaardige burgers die zo zelfstandig mogelijk moeten kunnen meedoen aan de samenleving.  Dat uitgangspunt van het VN-verdrag geldt ook voor het stemrecht. Mensen met een handicap niet laten stemmen, druist er helemaal tegenin.

‘Mensen moeten we niet betuttelen.’

En ook stemmen bij volmacht ligt niet in de geest van het verdrag. Kiezers mogen normaal gezien alleen bij volmacht stemmen wanneer ze bijvoorbeeld moeten werken. Waarom zou dat voor mensen met een beperking of psychische kwetsbaarheid anders zijn?

Als mensen niet zelf kunnen stemmen, dan missen we als samenleving het punt van wat een democratie kan betekenen: een plek waar je een volwaardig burger wordt door eraan deel te nemen.

Els Keytsman, co-directeur van Unia

Dit opiniestuk verscheen op 16 mei 2019 op Sociaal.Net

Vergelijkbare artikels