Inclusief onderwijs werkt

3 december 2018
Actiedomein: Onderwijs
Discriminatiegrond: Handicap

Vandaag, op de internationale dag van personen met een handicap, wil Unia de spotlights richten op alle leerkrachten, schooldirecties, CLB-medewerkers, ondersteuners, ouders, leerlingen en medeleerlingen die in alle stilte – in vaak moeilijke omstandigheden – werk maken van inclusief onderwijs.

Inclusief onderwijs werkt

Want inclusief onderwijs wérkt. Al langer dan vandaag, en voorbij de heisa die erover wordt gemaakt. Daarvan getuigen zij dag in dag uit. Schoolweek na schoolweek. Jaar na jaar. Met vallen en opstaan. Want het is vaak zoeken naar wat werkt. Maar gelukkig is het geen eenzame zoektocht. Leerkrachten, ouders en ondersteuners werken verbindend samen om de vele uitdagingen die zich stellen aan te gaan.

Het belang van inclusief onderwijs kan niet worden onderschat. Wanneer kinderen met een handicap les volgen in het gewoon onderwijs, zullen ze als jongvolwassenen ook makkelijker de overstap kunnen maken naar het hoger onderwijs en naar de reguliere arbeidsmarkt. Zullen ze makkelijker een zelfstandig leven kunnen uitbouwen middenin de maatschappij. En zullen ook de kinderen zonder handicap met wie ze samen school hebben gelopen, uitgroeien tot volwassenen die betekenisvolle relaties aangaan met hun buur of collega met een handicap. Zullen ze als werkgever open staan voor sollicitanten met een handicap. Zullen ze als architect nadenken over de toegankelijkheid van hun ontwerpen. Zullen ze als ingenieur producten bedenken die iedereen kan gebruiken.

Precies daarom werd het recht om naar een gewone school te gaan in 2006 vastgelegd in het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap. Dit Verdrag legt uit wat het recht op onderwijs betekent voor kinderen met een handicap: het recht op inclusief onderwijs in je buurt. Een recht in het belang van het kind.

Realiseert een school geen inclusief onderwijs met als argument dat het belang van het kind ergens anders beter wordt gediend? Dan is dat op zich geen verantwoording vanuit het belang van het kind zoals bedoeld in het VN-verdrag. Het belang van het kind moet op het gepaste moment en op een juiste manier worden afgewogen. Het mag geen hol argument zijn om een kind inclusie te ontzeggen.

Cruciaal is dat we van de school kunnen verwachten dat ze doet wat ze moet doen. Maximaal inzetten op zorgbeleid en leerlingenbegeleiding, steeds vanuit de principes van handelingsgericht werken. De onderwijsomgeving zo organiseren dat ze optimaal kan inspelen op de diversiteit van de leerlingen zodat  minder aanpassingen nodig zijn en ze makkelijker kunnen worden ingebed. Denk concreet aan Universal Design for Learning, binnenklasdifferentiatie, co-teaching, flexibele leerwegen,… waarmee veel leerkrachten vandaag betekenisvolle stappen zetten naar inclusief onderwijs.

Tegelijk verwachten we van de overheid een resoluut beleid dat inzet op het verder uitbouwen van een inclusief onderwijssysteem. Zodat kinderen en ouders kunnen rekenen op rechtszekerheid. Zodat leerkrachten en directies in het gewoon en buitengewoon onderwijs weten waar ze aan toe zijn. En vooral ook opdat de ondersteuning toekomstgericht kan worden uitgewerkt, met een vlotte afstemming tussen de beleidsdomeinen welzijn en onderwijs.

Wie op zoek is naar inspirerende voorbeelden – of wie gewoon een warm hart wil ophalen – nodigen we graag uit om te gaan kijken naar ‘Inclusief’, de nieuwe documentaire van Ellen Vermeulen die het verhaal vertelt van Rosie, Sami, Irakli en Nathan, van hun moeders en vaders. Een documentaire die prachtig in beeld brengt hoe leerkrachten en klassen inclusief onderwijs dragen. En je mag gerust even vergeten of je nu voor of tegen bent.

Els Keytsman, directeur Unia / Patrick Charlier, directeur Unia

Vergelijkbare artikels